DCD is een afkorting die staat voor developmental coördinaten disorder, een Engelse term voor kinderen die lichte problemen hebben met het goed op elkaar afstemmen en coördineren van hun bewegingen, waardoor ze een achterstand hebben in hun motorische ontwikkeling in vergelijking met hun algemene ontwikkeling.

Kinderen met DCD hebben vaak moeite met activiteiten zoals het gooien van een bal of het precies sturen van een schaar of pen, omdat ze vaak te veel of te weinig kracht gebruiken.

Hierdoor heeft het kind meer moeite dan leeftijdsgenoten om mee te komen bij allerlei activiteiten thuis, op school en in de vrije tijd. En als een kind daardoor bepaalde taken gaat vermijden krijgt het ook nog eens minder oefening dan andere kinderen, waardoor de achterstand en de frustratie steeds groter kunnen worden.

Doelen van de behandeling

Het oefenen van de dagelijkse taken die lastig gaan kan het kind helpen om deze beter uit te voeren. Daarbij kun je denken aan veters strikken, leesbaar leren schrijven of andere taken die voor het kind belangrijk zijn.

In de behandeling worden die taken geoefend en ontdekt het kind onder begeleiding van de ergotherapeut tips en trucs om meer succeservaringen op te doen. Ook leert het kind een methode om in stapjes problemen op te lossen.

Daarnaast kunnen adviezen gegeven worden aan ouders en leerkrachten om bepaalde taken makkelijker te maken of om het kind te helpen meer overzicht te krijgen.

De behandeling is erop gericht dat kinderen de dagelijkse taken/ vaardigheden met meer plezier en succes gaan doen. Dit kan o.a. doordat het kind, door de behandeling, de bewegingen beter leert uitvoeren, maar ook doordat het kind beter leert omgaan met de DCD en de aangeleerde oplossingen toe kan passen.

Het opdoen van positieve ervaringen is hierbij erg belangrijk en helpt het kind om vertrouwen te krijgen in deze handelingen.  Het wordt zelfstandiger en kan makkelijker meedoen met allerlei taken thuis, op school en bij sport en spel.

Voorbeeld:

Mika (8 jaar) kan zijn veters niet strikken. Ouders oefenen al 2 jaar met hem, maar hij krijgt het maar niet onder de knie. Tijdens de ergotherapie oefent Mika het strikken met 2 gekleurde veters, waardoor hij beter ziet wat hij met welke veter moet doen. Hij oefent eerst met de schoen op tafel en daarna met de schoen aan zijn voet. Ook wordt er een stappenplannetje gebruikt, zodat hij zelf kan kijken wat hij moet doen en er thuis ook op dezelfde manier geoefend kan worden. Al na een paar keer weken heeft hij zijn strikdiploma verdiend!